HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bespuwen — definición

Conjugation of bespuwen

Regular CEFR B2
/ˌbəˈspyu̯ə(n)/

speeksel spugen op iets of iemand om te beledigen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bespuw
jij / je bespuwt
hij / zij / het bespuwt
wij / we bespuwen
jullie bespuwen
zij / ze bespuwen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bespuwde
jij / je bespuwde
hij / zij / het bespuwde
wij / we bespuwden
jullie bespuwden
zij / ze bespuwden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bespuwe
jij / je bespuwe
hij / zij / het bespuwe
wij / we bespuwen
jullie bespuwen
zij / ze bespuwen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bespuwde
jij / je bespuwde
hij / zij / het bespuwde
wij / we bespuwden
jullie bespuwden
zij / ze bespuwden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bespuw
jullie (archaïsch) bespuwt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bespuwen
Tegenwoordig deelwoord
bespuwend
Voltooid deelwoord
bespuwd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary