HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← beslabberen — definition

Conjugation of beslabberen

Regular CEFR C1
bəˈslɑ.bə.rə(n)

to stain, to soil with food or while eating Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beslabber
jij / je beslabbert
hij / zij / het beslabbert
wij / we beslabberen
jullie beslabberen
zij / ze beslabberen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beslabberde
jij / je beslabberde
hij / zij / het beslabberde
wij / we beslabberden
jullie beslabberden
zij / ze beslabberden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik beslabbere
jij / je beslabbere
hij / zij / het beslabbere
wij / we beslabberen
jullie beslabberen
zij / ze beslabberen
Aanvoegende wijs — verleden
ik beslabberde
jij / je beslabberde
hij / zij / het beslabberde
wij / we beslabberden
jullie beslabberden
zij / ze beslabberden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beslabber
jullie (archaïsch) beslabbert

Onbepaalde vormen

Infinitief
beslabberen
Tegenwoordig deelwoord
beslabberend
Voltooid deelwoord
beslabberd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary