HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bescheiden — definición

Conjugation of bescheiden

Regular CEFR B2
/bəˈsxɛi̯də(n)/

over iemand beslissen, iets bepalen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bescheid
jij / je bescheidt
hij / zij / het bescheidt
wij / we bescheiden
jullie bescheiden
zij / ze bescheiden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bescheidde
jij / je bescheidde
hij / zij / het bescheidde
wij / we bescheidden
jullie bescheidden
zij / ze bescheidden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bescheide
jij / je bescheide
hij / zij / het bescheide
wij / we bescheiden
jullie bescheiden
zij / ze bescheiden
Aanvoegende wijs — verleden
ik bescheidde
jij / je bescheidde
hij / zij / het bescheidde
wij / we bescheidden
jullie bescheidden
zij / ze bescheidden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bescheid
jullie (archaïsch) bescheidt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bescheiden
Tegenwoordig deelwoord
bescheidend
Voltooid deelwoord
bescheid

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary