HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← beroeren — definition

Conjugation of beroeren

Regular CEFR C2
bəˈrurə(n)

onrust veroorzaken, in onrustige beweging brengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beroer
jij / je beroert
hij / zij / het beroert
wij / we beroeren
jullie beroeren
zij / ze beroeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beroerde
jij / je beroerde
hij / zij / het beroerde
wij / we beroerden
jullie beroerden
zij / ze beroerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik beroere
jij / je beroere
hij / zij / het beroere
wij / we beroeren
jullie beroeren
zij / ze beroeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik beroerde
jij / je beroerde
hij / zij / het beroerde
wij / we beroerden
jullie beroerden
zij / ze beroerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beroer
jullie (archaïsch) beroert

Onbepaalde vormen

Infinitief
beroeren
Tegenwoordig deelwoord
beroerend
Voltooid deelwoord
beroerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary