HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← berijden — definition

Conjugation of berijden

Regular CEFR C2
bəˈrɛi̯də(n)

het voortbewegen op een rijdier, zoals een paard of een voertuig zoals een fiets Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik berij
jij / je berijdt
hij / zij / het berijdt
wij / we berijden
jullie berijden
zij / ze berijden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bereed
jij / je bereed
hij / zij / het bereed
wij / we bereden
jullie bereden
zij / ze bereden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik berijde
jij / je berijde
hij / zij / het berijde
wij / we berijden
jullie berijden
zij / ze berijden
Aanvoegende wijs — verleden
ik berede
jij / je berede
hij / zij / het berede
wij / we bereden
jullie bereden
zij / ze bereden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij berij
jullie (archaïsch) berijdt

Onbepaalde vormen

Infinitief
berijden
Tegenwoordig deelwoord
berijdend
Voltooid deelwoord
bereden

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary