HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← belasten — definition

Conjugation of belasten

Regular CEFR C2
bəˈlɑstə(n)

zich ~ met: de verantwoordelijkheid of uitvoering van iets op zich nemen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik belast
jij / je belast
hij / zij / het belast
wij / we belasten
jullie belasten
zij / ze belasten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik belastte
jij / je belastte
hij / zij / het belastte
wij / we belastten
jullie belastten
zij / ze belastten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik belaste
jij / je belaste
hij / zij / het belaste
wij / we belasten
jullie belasten
zij / ze belasten
Aanvoegende wijs — verleden
ik belastte
jij / je belastte
hij / zij / het belastte
wij / we belastten
jullie belastten
zij / ze belastten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij belast
jullie (archaïsch) belast

Onbepaalde vormen

Infinitief
belasten
Tegenwoordig deelwoord
belastend
Voltooid deelwoord
belast

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary