HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bekwellen — definition

Conjugation of bekwellen

Regular CEFR B2
bəˈkʋɛ.lə(n)

to torment, to pester Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bekwel
jij / je bekwelt
hij / zij / het bekwelt
wij / we bekwellen
jullie bekwellen
zij / ze bekwellen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bekwelde
jij / je bekwelde
hij / zij / het bekwelde
wij / we bekwelden
jullie bekwelden
zij / ze bekwelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bekwelle
jij / je bekwelle
hij / zij / het bekwelle
wij / we bekwellen
jullie bekwellen
zij / ze bekwellen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bekwelde
jij / je bekwelde
hij / zij / het bekwelde
wij / we bekwelden
jullie bekwelden
zij / ze bekwelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bekwel
jullie (archaïsch) bekwelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bekwellen
Tegenwoordig deelwoord
bekwellend
Voltooid deelwoord
bekweld

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary