HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← beieren — definition

Conjugation of beieren

Regular CEFR C2
ˈbɛi̯.ə.rə(n)

luid luiden van een of meer klokken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beier
jij / je beiert
hij / zij / het beiert
wij / we beieren
jullie beieren
zij / ze beieren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beierde
jij / je beierde
hij / zij / het beierde
wij / we beierden
jullie beierden
zij / ze beierden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik beiere
jij / je beiere
hij / zij / het beiere
wij / we beieren
jullie beieren
zij / ze beieren
Aanvoegende wijs — verleden
ik beierde
jij / je beierde
hij / zij / het beierde
wij / we beierden
jullie beierden
zij / ze beierden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beier
jullie (archaïsch) beiert

Onbepaalde vormen

Infinitief
beieren
Tegenwoordig deelwoord
beierend
Voltooid deelwoord
gebeierd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary