HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← behangen — definition

Conjugation of behangen

Regular CEFR C2
bəˈɦɑŋə(n)

bedekken door er iets aan, op of tegen te hangen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik behang
jij / je behangt
hij / zij / het behangt
wij / we behangen
jullie behangen
zij / ze behangen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik behing
jij / je behing
hij / zij / het behing
wij / we behingen
jullie behingen
zij / ze behingen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik behange
jij / je behange
hij / zij / het behange
wij / we behangen
jullie behangen
zij / ze behangen
Aanvoegende wijs — verleden
ik behinge
jij / je behinge
hij / zij / het behinge
wij / we behingen
jullie behingen
zij / ze behingen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij behang
jullie (archaïsch) behangt

Onbepaalde vormen

Infinitief
behangen
Tegenwoordig deelwoord
behangend
Voltooid deelwoord
behangen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary