HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← begroten — definition

Conjugation of begroten

Regular CEFR B2
bəˈɣroːtə(n)

de grootte (bedrag, aantal) van iets met een calculatie inschatten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik begroot
jij / je begroot
hij / zij / het begroot
wij / we begroten
jullie begroten
zij / ze begroten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik begrootte
jij / je begrootte
hij / zij / het begrootte
wij / we begrootten
jullie begrootten
zij / ze begrootten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik begrote
jij / je begrote
hij / zij / het begrote
wij / we begroten
jullie begroten
zij / ze begroten
Aanvoegende wijs — verleden
ik begrootte
jij / je begrootte
hij / zij / het begrootte
wij / we begrootten
jullie begrootten
zij / ze begrootten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij begroot
jullie (archaïsch) begroot

Onbepaalde vormen

Infinitief
begroten
Tegenwoordig deelwoord
begrotend
Voltooid deelwoord
begroot

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary