HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← begeeren — definition

Conjugation of begeeren

Regular CEFR B2

obsolete spelling of begeren Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik begeer
jij / je begeert
hij / zij / het begeert
wij / we begeeren
jullie begeeren
zij / ze begeeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik begeerde
jij / je begeerde
hij / zij / het begeerde
wij / we begeerden
jullie begeerden
zij / ze begeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik begeere
jij / je begeere
hij / zij / het begeere
wij / we begeeren
jullie begeeren
zij / ze begeeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik begeerde
jij / je begeerde
hij / zij / het begeerde
wij / we begeerden
jullie begeerden
zij / ze begeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij begeer
jullie (archaïsch) begeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
begeeren
Tegenwoordig deelwoord
begeerend
Voltooid deelwoord
begeerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary