HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← beduvelen — definición

Conjugation of beduvelen

Regular CEFR C2
/bəˈdyvələ(n)/

bedriegen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beduvel
jij / je beduvelt
hij / zij / het beduvelt
wij / we beduvelen
jullie beduvelen
zij / ze beduvelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beduvelde
jij / je beduvelde
hij / zij / het beduvelde
wij / we beduvelden
jullie beduvelden
zij / ze beduvelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik beduvele
jij / je beduvele
hij / zij / het beduvele
wij / we beduvelen
jullie beduvelen
zij / ze beduvelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik beduvelde
jij / je beduvelde
hij / zij / het beduvelde
wij / we beduvelden
jullie beduvelden
zij / ze beduvelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beduvel
jullie (archaïsch) beduvelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
beduvelen
Tegenwoordig deelwoord
beduvelend
Voltooid deelwoord
beduveld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary