HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bebouwen — definition

Conjugation of bebouwen

Regular CEFR B2
bəˈbɑu̯ə(n)

landbouwgrond met gewassen beplanten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bebouw
jij / je bebouwt
hij / zij / het bebouwt
wij / we bebouwen
jullie bebouwen
zij / ze bebouwen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bebouwde
jij / je bebouwde
hij / zij / het bebouwde
wij / we bebouwden
jullie bebouwden
zij / ze bebouwden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bebouwe
jij / je bebouwe
hij / zij / het bebouwe
wij / we bebouwen
jullie bebouwen
zij / ze bebouwen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bebouwde
jij / je bebouwde
hij / zij / het bebouwde
wij / we bebouwden
jullie bebouwden
zij / ze bebouwden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bebouw
jullie (archaïsch) bebouwt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bebouwen
Tegenwoordig deelwoord
bebouwend
Voltooid deelwoord
bebouwd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary