HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bebloemen — definition

Conjugation of bebloemen

Regular CEFR B2
ˌbəˈblu.mə(n)

met meel of bloem bestrooien, vaak om aanbakken te voorkomen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bebloem
jij / je bebloemt
hij / zij / het bebloemt
wij / we bebloemen
jullie bebloemen
zij / ze bebloemen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bebloemde
jij / je bebloemde
hij / zij / het bebloemde
wij / we bebloemden
jullie bebloemden
zij / ze bebloemden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bebloeme
jij / je bebloeme
hij / zij / het bebloeme
wij / we bebloemen
jullie bebloemen
zij / ze bebloemen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bebloemde
jij / je bebloemde
hij / zij / het bebloemde
wij / we bebloemden
jullie bebloemden
zij / ze bebloemden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bebloem
jullie (archaïsch) bebloemt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bebloemen
Tegenwoordig deelwoord
bebloemend
Voltooid deelwoord
bebloemd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary