Conjugation of beantwoorden
/bəˈɑntʋoːrdə(n)/reageren, een tegenreactie geven op Ver definición completa →
Aantonende wijs
Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
| ik | beantwoord |
| jij / je | beantwoordt |
| hij / zij / het | beantwoordt |
| wij / we | beantwoorden |
| jullie | beantwoorden |
| zij / ze | beantwoorden |
Verleden tijd (o.v.t.)
| ik | beantwoordde |
| jij / je | beantwoordde |
| hij / zij / het | beantwoordde |
| wij / we | beantwoordden |
| jullie | beantwoordden |
| zij / ze | beantwoordden |
Aanvoegende wijs (archaïsch)
Aanvoegende wijs — tegenwoordig
| ik | beantwoorde |
| jij / je | beantwoorde |
| hij / zij / het | beantwoorde |
| wij / we | beantwoorden |
| jullie | beantwoorden |
| zij / ze | beantwoorden |
Aanvoegende wijs — verleden
| ik | beantwoordde |
| jij / je | beantwoordde |
| hij / zij / het | beantwoordde |
| wij / we | beantwoordden |
| jullie | beantwoordden |
| zij / ze | beantwoordden |
Gebiedende wijs
Gebiedende wijs
| jij | beantwoord |
| jullie (archaïsch) | beantwoordt |
Onbepaalde vormen
Infinitief
| — | beantwoorden |
Tegenwoordig deelwoord
| — | beantwoordend |
Voltooid deelwoord
| — | beantwoord |