HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← assimileeren — definition

Conjugation of assimileeren

Regular CEFR C1

obsolete spelling of assimileren Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik assimileer
jij / je assimileert
hij / zij / het assimileert
wij / we assimileeren
jullie assimileeren
zij / ze assimileeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik assimileerde
jij / je assimileerde
hij / zij / het assimileerde
wij / we assimileerden
jullie assimileerden
zij / ze assimileerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik assimileere
jij / je assimileere
hij / zij / het assimileere
wij / we assimileeren
jullie assimileeren
zij / ze assimileeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik assimileerde
jij / je assimileerde
hij / zij / het assimileerde
wij / we assimileerden
jullie assimileerden
zij / ze assimileerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij assimileer
jullie (archaïsch) assimileert

Onbepaalde vormen

Infinitief
assimileeren
Tegenwoordig deelwoord
assimileerend
Voltooid deelwoord
geassimileerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary