HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← aanbidden — definition

Conjugation of aanbidden

Regular CEFR C2
aːmˈbɪdə(n)

vereren van een god of heilige door daar een gebed aan te richten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik aanbid
jij / je aanbidt
hij / zij / het aanbidt
wij / we aanbidden
jullie aanbidden
zij / ze aanbidden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik aanbad
jij / je aanbad
hij / zij / het aanbad
wij / we aanbaden
jullie aanbaden
zij / ze aanbaden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik aanbidde
jij / je aanbidde
hij / zij / het aanbidde
wij / we aanbidden
jullie aanbidden
zij / ze aanbidden
Aanvoegende wijs — verleden
ik aanbade
jij / je aanbade
hij / zij / het aanbade
wij / we aanbaden
jullie aanbaden
zij / ze aanbaden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij aanbid
jullie (archaïsch) aanbidt

Onbepaalde vormen

Infinitief
aanbidden
Tegenwoordig deelwoord
aanbiddend
Voltooid deelwoord
aanbeden

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary